zaterdag 21 oktober 2017

Vermoeid

Ik ben nogal vermoeid de afgelopen weken. Ik slaap onrustig en overdag moet ik soms echt mijn best doen wakker te blijven en niet te gaan knikkebollen (staat namelijk ook zo stom op het werk). ’s Avonds hang ik alleen maar op de bank en kan ik mezelf er niet toe zetten de dingen te doen die gedaan moeten worden. Dat betekent schema’s in de war, planning in de war en alsnog van alles op eenzelfde dag te moeten doen. Heel irritant.

Hoewel het volledig bij mezelf ligt en ik elke keer het voornemen heb om het vandaag echt anders te gaan doen, lukt het niet. Ik kan de verleiding van even op de bank zitten niet weerstaan, en als ik eenmaal zit kom ik niet overeind. Mijn discipline is tot het nulpunt gedaald. Daar waar ik normaal een ijzersterke discipline heb, word ik nu een soort van laks voor mijn doen.

Ik ben vermoeid. Ontzettend vermoeid. Zelfs als ik dit zit te typen dan moet ik mijn best doen niet even mijn ogen te sluiten. Ik moet mijn drang om even te gaan liggen weerstaan. Ik kan namelijk niet even gaan liggen, want als ik dat doe ben ik weer verloren. Plus dat even liggen niet helpt, ik word er alleen maar vermoeider van.

Mijn energieke zelf is weg. De vermoeidheid is continu aanwezig. Een regelmatig leven heb ik al, daar ligt het niet aan. Het zullen de spanningen zijn. Want ook al lijk ik relaxter volgens mijn omgeving, inwendig zijn er bijna dagelijks momenten van paniek of razernij. Daar komen ook mijn onrustige nachten vandaan. En ja, dat kost energie. Neemt niet weg dat ik het verschrikkelijk irritant vind, deze vermoeidheid. Alles kost mij dubbel zo veel moeite en ik moet moeite doen om wakker te blijven.

Gezonder leven, dat is wat ik sowieso zou moeten doen. Regelmatiger eten, drinken. Gezonder eten. Meer beweging. Soms probeer ik bij zo’n vermoeidheid op te gaan staan en stuk te gaan lopen of iets anders te gaan doen. Soms helpt dat ook wel even, maar al snel komt die enorme vermoeidheid weer op zetten.

Voor nu kan ik verder niets anders dan accepteren dat het er is. En af en toe er ook heerlijk aan toegeven. Dan maar hangen op de bank. Dan maar even overige zaken op een laag pitje. Het zit niet helemaal in mijn aard, maar ik heb het gevoel dat ik nu geen andere optie heb. Dus nestel ik mij zometeen maar weer op de bankt, want ik voel mij zo ontzettend moe. 

zaterdag 14 oktober 2017

Happy Thoughts

Vandaag ben ik een positieve bui. De moodswings die ik heb zijn terug te lezen op dit blog. Van zelfmedelijden, naar onrust, naar nu tevredenheid. Tevredenheid over het nu. Even geen verleden. Even geen toekomst. Gewoon even nu. En vandaag maken een aantal dingen mij blij:

-          De man die nog ligt te slapen. Hij bleef. Ondanks alles.
-          De blauwe lucht die ik zie als ik naar buiten kijk.
-         De geur van net gewassen wasgoed, dat nu al hangt te drogen.
-         Het gedreun van de muziek van de buren. Normaal hou ik niet zo van lawaai, maar deze vaste prik op zaterdagochtend heeft iets gemoedelijks.
-         Het werk wat ik deze ochtend allemaal al verricht heb.
-         Het glas verfrissende water wat naast mijn computer staat. (ja daar kan ik blij van worden ja)
-          De innerlijke rust die ik op dit moment voel. Alsof er even geen zorgen zijn.


Het leven is even goed.

zaterdag 7 oktober 2017

Boos

Hoe lang blijf jij boos?

Als iemand je pijn heeft gedaan, schade heeft berokkent – hoe lang blijf jij dan boos? Uren, dagen, weken, maanden? En hoe ben je boos? Wat doe je wel? Wat doe je niet? Hoe ga je er mee om? Hoe gedraag je naar de buitenwereld? Wie maak je wel of niet deelgenoot van je boosheid?

Ik kan behoorlijk boos worden. Vooral op mezelf. Niet zo snel op een ander. Voor even kan ik heel erg boos zijn, woest misschien wel, maar dat kan ook weer heel snel weg zijn. Zeker als de onderwerp van boosheid weer in mijn blikveld is zakt mijn boosheid. Is dat raar?

Zou ik gewoon eens echt boos moeten zijn? De ander laten voelen hoe boos ik ben? Maar hoe dan? Schreeuwen, slaan? Negeren? Met deuren slaan?

Ik wil dat de ander voelt dat ik boos ben. Dat ik gekwetst ben. Dat ik het zat ben. Maar in plaats van boos te reageren, doe ik normaal. Ik zeg dat ik boos ben. Maar dat is alles. Het voelt verkeerd, alsof ik de ander ‘ermee weg laat komen’. En dat voelt niet goed. Ik doe niet boos, ik ben wel boos. Ik wil boetedoening. Dat de ander het voelt, dat het binnenkomt. Maar op het moment dat ik het meest boos was, was de ander er niet. En ik blijf niet lang boos. Niet zo boos. Ik ben nog steeds wel boos, maar niet zo boos en dat vind ik toch een partij lastig. Ik wil gewoon boos zijn. Boos doen.

Ik wil dat de ander voelt wat ik eerder voelde. Tegelijkertijd weet ik dat ik dat niet kan. Nu geef ik ook heel veel om deze ander, dus dat maakt het misschien extra gecompliceerd omdat ik die ander niet pijn wil doen. Maar tegelijkertijd ook weer wel. Ingewikkeld.


Misschien moet ik het maar loslaten. Deze gedachten. Wel mijn boosheid voelen, ervaren, benoemen. Maar niet piekeren hoe ik moet reageren want daar heb ik op dit moment alleen maar mijzelf mee.

zaterdag 30 september 2017

Losing

Ik ben de laatste tijd alleen maar bezig geweest met anderen op de ene die mij het meest dierbaar is na. Ik ben alleen maar bezig geweest wat anderen zouden verwachten of anderen zouden denken, of wat ik denk dat zou moeten of zo zou horen. De lijnen lagen er, het pad was gelegd. Hij ging het gebaande pad af. En ik was alleen maar bezig met angst. Ik was continu bang. Bang dat alles kapot zou gaan. Bang dat ik alles kwijt zou raken. Bang dat het leven weer ineens op z’n kop zal staan. Bang voor alles. En ik had niet in de gaten wat ik werkelijk deed.

Ik jaagde hem bij mij weg. Omdat hij niet het pad afliep dat ik had uitgestippeld. Omdat hij een zijtak nam. En ik vroeg er niet eens naar. Ik oordeelde en veroordeelde. Ik loog naar mezelf en daardoor ook naar hem. Ik zie dat nu.

Ik weet niet of het nu te laat is. De kans bestaat dat het te laat is. Ik ben er niet voor hem geweest. Ik heb niet volledig om hem gegeven. Ik heb hem niet in zijn waarde gelaten. Ik heb hem niet de ruimte gegeven. Ik heb niets gevraagd. Ik heb alleen ingevuld en geoordeeld. Ik heb alles goed gepraat voor mezelf. Ik heb mezelf voor de gek gehouden. Waarom was ik niet meer bij mezelf? Waarom heb ik het zo ver laten komen?

Hij heeft het zo vaak aangegeven, en ik dacht echt op zo’n moment dat ik het begreep. Oprecht begreep. Maar verzandde vervolgens weer in hetzelfde gedrag. Omdat ik daar een oordeel over had. Omdat ik het niet zag, niet begreep.

Nu, nu het misschien te laat is, zie ik het. Het hoeft helemaal niet erg te zijn als er een zijpad wordt ingeslagen. Ook al had ik dat niet bedacht. Ook al past dat niet in wat ik denk dat anderen zouden vinden of verwachten. Fuck die anderen!
Het gaat er om dat hij ook een persoon is. Een mens. Iemand die mij zo ontzettend dierbaar is. Ik heb geprobeerd hem in een keurslijf te stoppen en natuurlijk wil hij daaruit schoppen. Natuurlijk. Want er is niets mis mee als hij zichzelf is. Er is niets mis mee om links af te gaan waar ik gedacht had dat we rechtdoor zouden moeten gaan. Ik weet niet eens of ik zelf rechtdoor wil of dat ik denk dat anderen zouden willen dat ik (en daardoor wij) rechtdoor zou gaan.

Het klinkt vermoeiend en dat is het ook. Het zorgt voor onrust in mijn lijf en onrust in mijn hoofd. Het zorgt ervoor dat ik niet de verantwoordelijkheid neem die ik zou moeten nemen. Het zorgt ervoor dat ik niet luister. Het zorgt ervoor dat ik mijzelf voor de gek houd. En oprecht dacht dat ik dat niet deed. Ik dacht dat ik het begreep, maar dat was niet zo.

Ik begrijp het nu pas. Veels te laat. Schade al berokkent. Maar het is nooit te laat dit nu te erkennen. Het is nooit te laat nu wel die verantwoording te nemen. Het is nooit te laat de regie over mijn eigen leven te pakken. Het is nooit te laat dat te laten zien. Ik ben dat verplicht aan hem. Ik ben dat verplicht aan mezelf. Kan niet meer in een leugen leven. Wil niet meer in een leugen leven.


Het is mijn leven, het is zijn leven, het is ons leven.  En van niemand anders.

Verantwoordelijkheidsgevoel

In het proces van loslaten en beter voor mijzelf zorgen houdt het ook het ‘laten van verantwoordelijkheden bij wie ze horen’ bij. Het zit nogal behoorlijk in mijn aard om mij overal verantwoordelijk voor te voelen. Het gevolg is dat ik eerst aan een ander denk in plaats van aan mezelf. En stiekem gaat dat zo in mij knagen dat ik tegelijkertijd juist alleen maar met mezelf bezig ben en amper ruimte heb om naar de beleving van de ander te kijken. Ik kan zelfs zitten met het leed van de ander, mijzelf er druk om maken, maar waarvoor? Waarom en voor wie?

Ik ben niet verantwoordelijk voor het gedrag of de problemen van anderen. Op het moment dat die problemen mij raken en wel invloed op mij hebben, ben ik verantwoordelijk voor dat wat ik daarmee moet – maar niet voor het gedrag of het probleem an sich. Verantwoordelijkheden daar laten waar ze horen.

Het is niet altijd makkelijk, vaak genoeg trap ik er weer in en betrap ik mijzelf er op dat ik werk zit te doen wat niet bij mij hoort, of ben ik mijzelf opzij aan het zetten voor het “team”. Super irritant, want daarna heb ik er weer last van dat ik niet genoeg voor mijzelf ben opgekomen. Het probleem is dat ik mij verantwoordelijk voel; ik kan niet vrij nemen, omdat het naar is voor het team. Maar jammer dan,  het is niet mijn verantwoordelijkheid om het draaiende te houden. Als iemand anders een keer niet kan kraait er ook geen haar naar.

Dus ik stop met de verantwoordelijkheden naar mijzelf toe trekken. Ik stop met mezelf over verantwoordelijk en schuldig over te voelen. Ik ben verantwoordelijk voor mijn eigen gedrag, en dat is ook halt zeggen tegen mijzelf, nee zeggen en loslaten.